Het verhaal van Gea (en Arend)

Ze werkt in de zorg en als ik haar vertel dat zorgverleners de moeilijkste patiënten zijn dan moeten we samen hard lachen. Ze herkent het wel. In de zorg zijn we zo gewend om voor een ander te zorgen en wanneer de rollen omgedraaid worden lijkt het alsof dat ingaat tegen onze natuur. We denken te weten hoe het is om patiënt te zijn want we staan altijd aan de rand van het bed, maar patiënt zijn is toch wel een ‘vak’, iets wat je moet leren…..Gea dus ook.

We hebben een ‘klik’ en afgesproken dat ze af en toe komt voor een coachsessie tijdens de chemoperiode. Vandaag komt ze binnen met hangende schouders en een grote zucht.

Ze is erg ziek geweest na deze kuur en heeft alles los moeten laten. Ze had gedacht dat ze dat moeilijk zou vinden, maar het gaat haar onverwacht goed af. Het helpt dat hun beste vrienden in dezelfde straat wonen en goed voor haar en haar man Arend zorgen.  Ze voelen precies aan wat wel en niet nodig is en ze hebben aan een enkel woord genoeg.

Zo gaat het tussen Arend en Gea ook. Arend werkt òòk in de zorg en dat is, zeker nu, ontzettend fijn. Ze kunnen eindeloos praten over de hele situatie, maar begrijpen elkaar ook zonder het uit te spreken. Hij zorgt inmiddels voor alles en dat maakt dat zij zich soms schuldig voelt. “Het voelt gek om iets te ontvangen zonder daar wat voor terug te (kunnen) doen.”

Arend heeft het moeilijk met de hele situatie maar accepteert weinig hulp van buitenaf en het doet haar zeer om hem zo te zien.

Als Gea en ik er even over praten komt vooral het ‘zorghart’ weer boven, ze vindt het ontzettend moeilijk om iemand, die haar lief is, te zien lijden. Toch zal ze Arend de ruimte moeten geven want hij heeft in dit geheel zijn eigen rouwproces, verdriet hoort erbij. Hij is een volwassen man die zijn eigen keuzes mag maken, ook als dat niet haar keuze is.

Ik vraag haar wat deze situatie überhaupt betekent voor hun relatie en dan komen er tranen. Alles is nu zo anders….Een knuffel is vooral om te troosten en een kus om elkaar daarna even met rust te laten. Een blik is vanuit empathie en soms uit medelijden.

Hoe lief Arend ook is en hoe goed hij ook voor haar zorgt….zij blijft zich patiënt voelen en hij de zorgverlener. Als ik vraag naar hun seksuele relatie dan schiet ze weer in de lach.

“Nou Jannet, dat staat gewoon op nul, maar Arend heeft gezegd dat hij dat oké vindt”. Ik vraag wat zij ervan vindt maar dan haalt ze haar schouders op. Ik denk even na en besluit dan om iets hypothetisch voor te leggen.

Ik neem haar mee in haar verbeeldingskracht (een van haar kernwaarden). Dit is haar ‘goede week’ na de kuren. “Stel dat je Arend dit weekend gaat verrassen en een voorstel doet om de liefde te bedrijven op jouw voorwaarden” zeg ik. Ze begint ineens te glunderen en knikt dat ik door mag gaan. “Je trekt iets sexy’s aan en vertelt hem wat je wel en niet wilt, kan je dat voor je zien?” Haar ogen kijken omhoog, ik zie haar denken en er komt ineens meer kleur op haar gezicht. “Ik ga je geen voorbeelden geven, want die kan je zelf we verzinnen, maar probeer dat maar eens uit en zie wat er gebeurt.”

Waar ze met hangende schouders binnen kwam gaat ze nu met een grote grijns de deur uit en ook ik moet inwendig lachen om dit zo te zien.

Als ik Gea na een paar weken weer zie besluit ik er niet meteen naar te vragen, maar binnen tien minuten zegt ze zelf: “Jij wil natuurlijk weten hoe het is afgelopen na ons vorige gesprek” en ze heeft daarbij pretlichtjes in haar ogen.

Dan vertelt ze hoe fijn het was. Nou ja, in eerste instantie had Arend erg raar opgekeken, niet verwacht dat zij juist nu in deze tijd het initiatief zou nemen, maar na een poosje vonden ze toch hun weg. “Weet je wat het allerfijnste was?” vraagt ze me, zonder een antwoord te verwachten. “Dat ik weer werd aangeraakt omdat ik zijn vrouw ben, omdat we van elkaar houden, ik voelde me voor even weer helemaal mezelf en vergat gewoon dat ik ziek was en dat was zo fijn!” “En de volgende dag was helemaal leuk, want hij liep weer fluitend door het huis en dat was iets wat ik lang niet meer had gehoord.”

Wat een beetje verbeeldingskracht tijdens een gesprek al niet kan doen 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *